Nieuws
Stikstofdispositieruimte is zelfstandig bedrijfsmiddel, HIR mogelijk
Stikstofdispositieruimte is zelfstandig bedrijfsmiddel, HIR mogelijk
De Belastingdienst heeft een standpunt bekendgemaakt over stikstofdispositieruimte. Het standpunt betreft de mogelijkheid tot afschrijven en het toepassen van de herinvesteringsreserve (HIR) op de stikstofdispositieruimte.
Stikstofdispositieruimte
De mogelijkheid om stikstof uit te stoten hangt af van de vereiste omgevingsvergunning. In sommige gevallen kan de hoeveelheid uit te stoten stikstof, de stikstofdispositieruimte, worden gebruikt door andere ondernemers. Deze betalen hiervoor een prijs aan de ondernemer, die de na wijziging van zijn bedrijfsactiviteiten de stikstofdispositieruimte aanbiedt.
Zelfstandig bedrijfsmiddel
De Belastingdienst neemt het standpunt in dat stikstofdispositieruimte een zelfstandig bedrijfsmiddel is. In een eerder Besluit (d.d. 27 oktober 1998, nr. DB98/2669M) is het standpunt ingenomen dat ammoniakrechten een zelfstandig bedrijfsmiddel vormen. Omdat s..
Advieswijzer Transitievergoeding bij ontslag en overige vergoedingen
Advieswijzer Transitievergoeding bij ontslag en overige vergoedingen
Wilt u een arbeidsovereenkomst met een werknemer beëindigen? Dan bent u waarschijnlijk verplicht een transitievergoeding te betalen. Wanneer is dit het geval? Wat zijn de regels hieromtrent? En hoeveel bedraagt deze vergoeding?
Transitievergoeding
Wanneer moet u een transitievergoeding betalen?
Allereerst moet het initiatief om tot een einde van de arbeidsovereenkomst te komen bij u als werkgever liggen. Van beëindiging van de arbeidsovereenkomst op initiatief van de werkgever is sprake bij:
opzegging door de werkgever na verkregen toestemming van het UWV;
ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de rechter;
opzegging door de werkgever met instemming van de werknemer (niet te verwarren met de beëindigingsovereenkomst);
het niet verlengen van een tijdelijke arbeidsovereenkomst.
Wanneer geen transitievergoeding?
U bent geen transitievergoeding verschuldigd als de arbeidsoveree..
Uitspraak Belastingdienst inzake hoogte belastingrente
Uitspraak Belastingdienst inzake hoogte belastingrente
De Belastingdienst heeft collectieve uitspraken gedaan op bezwaar over de hoogte van belastingrente op de vennootschapsbelasting (Vpb) en die van de inkomstenbelasting (IB) en overige belastingen. Wat betekent dit voor u?
Wat voorafging: massaal bezwaar en Hoge Raad
Naar aanleiding van een uitspraak waarin een rechtbank oordeelde dat de belastingrente op een aanslag Vpb te hoog was, werden er veel bezwaarschriften ingediend. Dit was aanleiding om tijdige bezwaren tegen de belastingrente op een aanslag Vpb aan te wijzen als massaal bezwaar. Een paar maanden later werden ook de tijdige bezwaren tegen de hoogte van de belastingrente op een aanslag IB en overige belastingmiddelen aangewezen als massaal bezwaar.
De Hoge Raad oordeelde vervolgens op 16 januari 2026 – heel kort samengevat – dat de belastingrente die vanaf 2022 berekend wordt op een aanslag Vpb te hoog is. Daarbij gaf de Hoge Raad aan da..
Wanneer is ontslag na overgang onderneming mogelijk?
Wanneer is ontslag na overgang onderneming mogelijk?
Bij een overgang van onderneming gaan als uitgangspunt de rechten en plichten van de werknemers over naar de nieuwe eigenaar, de verkrijger. De werknemers treden van rechtswege automatisch in dienst bij de verkrijger. Wanneer is ontslag wel mogelijk? Een casus van de Hoge Raad.
Overgang onderneming
Om te kunnen spreken van een overgang van onderneming is het van belang dat de onderneming haar identiteit heeft weten te behouden. Hierbij wordt gekeken naar een zevental factoren:
Aard van de betrokken onderneming
Worden materiële activa overgedragen
De waarde van de immateriële activa op datum overgang
Wordt vrijwel al het personeel mee overgenomen?
Wordt de klantenkring overgedragen?
Komen de voor en na overdracht verrichte activiteiten overeen?
Eventuele duur van de onderbrekingen van de activiteiten
Bescherming tegen ontslag
Werknemers worden bij een overgang van onderneming beschermd tegen..
Deel wet vrachtwagenheffing al in werking per 1 maart 2026
Deel wet vrachtwagenheffing al in werking per 1 maart 2026
Per 1 juli 2026 treedt de vrachtwagenheffing in Nederland in werking. Een deel van de wet treedt echter al per 1 maart 2026 in werking. Wat betekent dit?
Vrachtwagenheffing per 1 juli 2026
De vrachtwagenheffing gaat gelden voor alle vrachtwagens met voertuigcategorie N2 en N3. Dat zijn vrachtwagens met een technische maximummassa van boven de 3.500 kg. De heffing geldt op alle snelwegen, een aantal N-wegen en enkele lokale wegen bij grotere steden.
De heffing betreft een bedrag per gereden kilometer. De hoogte is afhankelijk van de technische maximummassa, de CO2-emissieklasse en in sommige gevallen de euro-emissieklasse. Hoe schoner en lichter de vrachtwagen is, des te lager het bedrag per kilometer.
Tip! Op de website van RDW kunt u berekenen wat uw bedrag per kilometer wordt.
De wetgeving over de tarieven en de manier waarop de vrachtwagenheffing berekend wordt, treedt al per 1 maart 202..
Tweede Kamer akkoord met nieuw box 3-stelsel vanaf 2028
Tweede Kamer akkoord met nieuw box 3-stelsel vanaf 2028
De Tweede Kamer heeft donderdag 12 februari 2026 ingestemd met een nieuw box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement vanaf 2028.
Als de Eerste Kamer op een later moment ook instemt met het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3, wordt vanaf 2028 in box 3 het werkelijke rendement op uw vermogen belast.
Gerealiseerd rendement
Het werkelijke rendement betreft de zogenaamde reguliere voordelen, bijvoorbeeld de rente op bank- en spaarrekeningen, dividenden op beleggingen en huuropbrengsten. Onder het werkelijke rendement vallen echter ook verkoopwinsten en -verliezen op beleggingen en overige bezittingen.
Ook ongerealiseerd rendement
Naast gerealiseerde rendementen tellen ook ongerealiseerde rendementen mee. De jaarlijkse waardeontwikkelingen van uw beleggingen en overige bezittingen behoren dus ook tot uw werkelijke rendement vanaf 2028. Voor deze bezittingen geldt een zogenaamde vermogensaa..
Advieswijzer Belasting over overwerk, bonussen en andere extra’s
Advieswijzer Belasting over overwerk, bonussen en andere extra’s
Waarom betaal ik zoveel meer belasting over de vergoeding voor mijn overwerk, bonussen en andere extra’s dan over mijn normale salaris? Dat is een vraag die u als werkgever waarschijnlijk weleens van uw werknemers krijgt. Hoe zit het nu echt?
Werknemers klagen weleens dat overwerken niet loont, omdat er voor hun gevoel bijna niets overblijft. En dat geldt niet alleen voor de vergoeding voor overwerk. Ook bonussen en andere extra vergoedingen lijken extra belast te worden.
Het gevoel is begrijpelijk. Het is echter uiteindelijk niet de vergoeding voor overwerk of de bonus die extra belast wordt, maar de belasting over het gehele loon stijgt. Het loon- en inkomstenbelastingtarief stijgt namelijk over het algemeen als het loon/inkomen hoger wordt. Daarnaast dalen de heffingskortingen (de kortingen op de te betalen belasting) vanaf een bepaald loon/inkomen. Het is dus niet zo dat het extra l..
Definitieve forfaits banktegoeden en schulden box 3 2025
Definitieve forfaits banktegoeden en schulden box 3 2025
De definitieve forfaits voor banktegoeden en schulden in box 3 voor het jaar 2025 zijn bekend. Een overzicht.
Forfaits box 3 2025
De definitieve forfaits voor banktegoeden en schulden worden altijd pas na afloop van het jaar vastgesteld. Bij het opleggen van de voorlopige aanslag IB 2025 gedurende 2025 rekende de Belastingdienst daarom met voorlopige forfaits. Voor banktegoeden bedroeg dit voorlopige forfait 1,44%. Dit forfait is nu voor 2025 definitief bepaald op 1,37%. Voor schulden rekende de Belastingdienst bij de voorlopige aanslag met het voorlopige forfait van 2,61%. Het definitieve forfait is nu vastgesteld op 2,70%.
Let op!Het definitieve forfait voor overige bezittingen was al langer bekend. Dit bedraagt voor 2025 5,88%.
Tegenbewijsregeling
Als uw werkelijke rendement in 2025 lager was dan het forfaitaire rendement, dan kunt u in 2025 een beroep doen op de tegenbewijsregeling. U beta..
Geen CO2-rapportage meer voor bedrijven tot 250 werknemers?
Geen CO2-rapportage meer voor bedrijven tot 250 werknemers?
Bedrijven tot 250 werknemers worden hoogstwaarschijnlijk met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 uitgezonderd van de verplichting om over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van werknemers te rapporteren. Dat staat in een internetconsultatie.
Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM)
Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn vanaf 1 juli 2024 verplicht te rapporteren over het zakelijke verkeer én het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, WPM.
Waar gaat het om?
Bedrijven die onder de rapportageverplichting vallen moeten veel gegevens verzamelen. Denk hierbij aan het totaal aantal kilometers dat de werknemers afleggen voor zakelijk en woon-werkverkeer en het jaartotaal aan kilometers, uitgesplitst naar soort vervoermiddel en brandstoftype.
Let op!De gegeven..
Gebruikelijk loon na stoppen onderneming
Gebruikelijk loon na stoppen onderneming
De bv drijft een onderneming. Als deze onderneming in de loop van het jaar stopt, wat betekent dit dan voor het gebruikelijk loon voor bijvoorbeeld de dga in dat jaar?
Wanneer gebruikelijk loon?
Iedereen met een aanmerkelijk belang in een bv, bijvoorbeeld een dga met minimaal 5% van de aandelen, moet een gebruikelijk loon in aanmerking nemen als hij ook werkzaamheden verricht voor de bv.
Hoogte gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon moet in 2026 vastgesteld worden op het hoogste bedrag van een van de volgende bedragen:
Het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking, of
het loon van de meest verdienende werknemer in uw bv of verbonden bv’s, of
€ 58.000.
Let op! Als u aannemelijk kunt maken dat het berekende gebruikelijk loon hoger is dan het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking, kunt u het gebruikelijk loon vaststellen op dat loon. In de tekst en voorbeelden hierna wordt op deze regel ve..